Toekomst PvdA

Welk doel wil de PvdA als partij de komende jaren concreet bereiken? Regelmatig klinken geluiden dat het politici aan toekomstvisie en leiderschap ontbreekt. Die kritiek kan de PvdA zich eveneens aantrekken. Kiezers hebben behoefte aan visie en een sterke leider. Dat geldt des te meer in onze hedendaagse tijdperk waarin het thema internationale, nationale en individuele veiligheid, in het bijzonder terrorisme- en criminaliteitsbestrijding de aandacht opeisen. Waar doorheen in Nederland sinds de laffe moord op de controversiele politicus Pim Fortuyn en de verwerpelijke moord op de man van het vrije woord Theo van Gogh het thema integratie van allochtonen een steeds sterkere ondertoon laat horen. Het land is onrustig en verlangt doortastende leiderschap. Vanuit de sociaal-democratie blijft het echter oorverdovend stil. Heeft de sociaal-democratie hierop geen antwoord? Ik denk van wel, maar ze denken dat onvoldoende door en dragen het onvoldoende uit.
Terwijl met de moord op Theo van Gogh rechts-extremistische partijen als Vlaams Blok, inmiddels teruggefloten door het Belgische Hooggerechtshof als wolf in schaapskleren omgedoopt in Vlaams Belang, menen met demagogische en daarom misplaatste redenaties hun oppervlakkige gelijk van eigen volk eerst te kunnen halen, mis ik het dupliek van de sociaal-democratie. Die heeft tot nu toe altijd onvermoeid het belang van een cultuur vol diversiteit met het oog op elkaars sociale en economische welbevinden en nationale overlevingskracht weten te benadrukken. De sociaal-democratie heeft daarmee het wetenschappelijke gelijk aan haar zijde. Samenwerkings- en samenlevingsvormen die open staan voor nieuwe, originele, creatieve ideeen, meestal afkomstig van degenen die vanuit een andere cultuur en achtergrond een eigen verfrissende inzicht verschaffen, hebben aantoonbaar de grootste overlevingskansen. Waarom verzuimt de PvdA dergelijke universeel geldende en wetenschappelijk onderbouwde beginselen in ons landsbelang onvermoeid te blijven benadrukken? Het tot nu toe steeds overtuigende dialoog daarover mogen we niet uit de weg gaan. Tegelijkertijd heeft de PvdA echter veel te weinig aandacht geschonken aan (latente) onrustgevoelens in onze democratische samenleving. En mogen we niet de wezenlijke waarden van onze eigen cultuur verwaarlozen.
Betere toekomst
Wat daarbij extra vervelend is aan de huidige politieke aandacht voor eigen culturele waarden, alhoewel deze elke keer opnieuw moeten worden hervonden, is dat de discussie op zichzelf niet productief is. We kijken momenteel slechts naar anderen (lees: Moslims) en zijn geneigd bij hen verwijt van de huidige maatschappelijke onrust te leggen, echter zonder ons af te vragen wat we zelf aan onze eigen onzekere positie kunnen veranderen. We leggen met andere woorden heden ten dage de verkeerde focus aan. Het is maar wat je wilt zien. En juist hier heeft de sociaal-democratie ook nog in het recente verleden laten zien dat haar boodschap van hoop op een betere toekomst, het streven naar onverminderde gelijke scholingskansen voor iedereen en het uitdragen van mededogen voor ogenschijnlijke maatschappelijk kanslozen de juiste klimatologische omstandigheden biedt voor een bloeiende samenleving. Dat is de boodschap die onze samenleving vandaag nodig heeft. Waar in de jaren 50 de naoorloge wederopbouw centraal stond, in de jaren 60 de maatschappelijke hervormingen, in de jaren 70 de emanicipatie van onderdrukte bevolkingsgroepen en in de jaren 90 de economische en technische vooruitgang onder andere dankzij internet en communicatietechnologie, lijkt het ons aan het begin van dit nieuwe millenium aan vooruitstrevende kracht en visie te ontbreken. Dat is geheel onterecht.
Voor wie het wil zien, is er ook in onze hedendaagse maatschappij en in de landen om ons heen namelijk meer dan genoeg werk te verzetten. Het lijkt ons in Europa in het algemeen en Nederland in het bijzonder echter te ontbreken aan innovatieve kracht en inspiratie. Daar ligt in de eerste plaats een taak voor ons onderwijs, waarvan de kwaliteit ten opzichte van de ons omringende landen het laatste decennium hollend achteruit is gelopen. Omdat we er geen prioriteit aan meenden te hoeven geven en ons geld liever besteedden aan bijvoorbeeld verbetering van consumptievermogen en belastingverlagingen. Nu dreigen we daarvoor de prijs te betalen. Het zou goed zijn als de PvdA haar prioriteiten op dit gebied weer eens helder zou aangeven. Maar er is meer te doen om weer samen sterk te worden.
Verstandhouding met het bedrijfsleven
Van oudsher is de PvdA een partij waar arbeiders, onderwijzers, ambtenaren en verplegend personeel zich bij uitstek thuis voelden. Als we dan toch bezig zijn aan een sterkte-zwakte-analyse valt op dat het gros van het bedrijfsleven daarentegen nooit veel met de denkwereld van sociaal-democraten op had. Die doelgroep verwaarlozen de sociaal-democraten ten onrechte. Want juist het bedrijfsleven is onmisbaar bij het verschaffen van werkgelegenheid. Daarbij is het midden- en kleinbedrijf niet voor niets betiteld als de motor van onze economie, onder andere omdat ze arbeidsplaatsen levert en de grootste stijging van het aantal vacatures heeft genoteerd. Alhoewel sinds de jaren 90 jaren in vergelijking met de ons omringende landen veel belemmeringen zijn weggenomen om een eigen bedrijf te starten, zijn er hoe dan ook nog teveel belemmeringen. De risico’s van mislukking en de fatale gevolgen die dat voor de ondernemer heeft, zijn velen te groot. Daarnaast ontbreekt het bereidwillige startende ondernemers aan voldoende professionele ondersteuning en de beschikbaarheid van start- en risicokapitaal. En ten slotte (maar niet op de laatste plaats) valt de kloof op die er bestaat tussen de gesegregeerde wereld van ondernemers en die van werknemers. Als we ons dan toch met integratie bezig moeten houden, kunnen we beter het overbruggen en verbeteren van de verstandhouding tussen deze beide groepen meenemen. Het succes dat dit zal hebben, namelijk het ontdekken en doorontwikkelen van elkaars unieke kwaliteiten, elkaars individuele meerwaarde ten opzichte van anderen, waarmee we elkaar vervolgens via elkaars netwerk verder kunnen helpen, staat bij voorbaat vast.
Pensionering
Er is met andere woorden voor de sociaal-democratie meer dan ooit werk aan de winkel. Na de emanicipatie van de arbeider (en andere bevolkingsgroepen) kan de Partij van de Arbeid nu de emanicipatie van de werkgelegenheid ter hand nemen. De mensen moeten uit hun ogenschijnlijk, maar bedriegelijk veilige cocon worden gehaald, gestimuleerd worden hun kwaliteiten aan te wenden, hun talenten uit te buiten en volop deel te laten nemen aan de oceaan van mogelijkheden om zichzelf en de maatschappij te verbeteren, de kwaliteit van de levens van anderen en zichzelf. Ik ben ervan overtuigd dat mensen ernaar snakken aangesproken te worden op hun beste persoonlijke vermogens om hun bijdrage aan de maatschappij te leveren, alhoewel velen niet weten hoe. Na de bloeiende jaren 90 is er vandaag geen reden om nu op onze lauweren te gaan rusten en in ledigheid onze pensionering af te wachten. Zo ontgaat mij de hedendaagse roep om niet te tornen aan prepensioenstelsels, waaronder de op het omslagstelsel gebaseerde mogelijkheid tot vervroegde uittreding. Alhoewel op zichzelf begrijpelijk is dat het tornen aan opgebouwde rechten als onrechtvaardig wordt ervaren en ook is, draagt dat eveneens bij aan het misplaatste beeld dat we ons liever met onze pensionering lijken bezig te houden dan met het verbeteren van onze levenskwaliteit en die van anderen en het overbruggen van verschillen tussen bevolkingsgroepen en generaties.
PvdA-oud-minister Willem Vermeend wees in een televisie-uitzending erop dat kiezers de neiging hebben pas in de laatste drie weken van de verkiezingen hun keuze te maken. Daarmee impliceert hij dat het nut zou ontbreken om nu al als partij duidelijke stellingnames in te nemen. Naar mijn mening maakt de partijtop hiermee een kardinale denkfout. Zij gaat ermee namelijk het echte en noodzakelijk te voeren maatschappelijke dialoog uit de weg en speculeert daarbij op de strategie van risicomijding. Wellicht dat de sociaal-democratie bij de volgende verkiezingen wat meer het tij mee heeft dan nu, maar ondertussen geeft ze met haar passiviteit in het innemen van duidelijke stellingnames negatieve meningen en opvattingen een te grote betekenis, kans en voorsprong. Daarmee houden we de maatschappij niet bij elkaar. De PvdA-politici hebben hier de verantwoordelijkheid het tegengeluid van haar achterban niet te verwaarlozen, maar daarentegen te stimuleren en krachtig en onvermoeid voor het voetlicht te brengen.
