Actualiteiten

11 juli
2010
geschreven door marco

De VVD kan opteren voor een land dat politiek achter de dijken verdwijnt, of voor een Nederland dat het buitenland niet schuwt. Josse de Voogd hoopt het laatste.

Meer dan ooit is het politieke landschap versplinterd. Nederland is verdeeld in verschillende ‘biotopen’ waarin telkens andere wereldbeelden, waarden en belangen domineren.

De PvdA heerst in de meeste steden en in het noordoosten. De VVD wint in de welvarende suburbane gebieden van West-, Midden- en Zuid-Nederland. Het CDA houdt stand in een aantal traditionele plattelandsgebieden. De PVV is de grootste in vrijwel heel Limburg en nog enkele gemeenten verspreid over het land. SGP en ChristenUnie doen het goed in de Biblebelt, D66 en GroenLinks in de Greenbelt, de as van steden met een hoogopgeleide bevolking en randgebieden die loopt van Alkmaar naar Nijmegen. Binnen de steden doen D66, GroenLinks en VVD het goed in de wijken met hoger opgeleiden, PvdA, SP en PVV in de wijken met lager opgeleiden en de VVD in de vinexwijken.

Vanouds is het noordelijke deel van Nederland progressiever en linkser dan het zuiden. Het noorden past qua politieke cultuur en voorkeur eerder bij Scandinavië, met een neiging naar vrijzinnigheid, egalitarisme en een sterke staat. Dit terwijl Limburg misschien wel dichterbij bij Zuid-Europa staat waar conservatisme en familiebanden centraal staan, men de staat wantrouwt en waar hiërarchische en cliëntelistische relaties belangrijk zijn. Politiek gaat er veel meer over personen en populisten scoren hier beter.

Het is dan ook niet verwonderlijk dat de ‘beweging’ van Wilders in Limburg het beste aanslaat. Vooral in het zuiden lag het ‘gat op rechts’ open. Al in de jaren 90 werd gesproken over een conservatievere Limburgse zusterpartij van het CDA, naar het voorbeeld van de Beierse CSU. Deze ‘zusterpartij’ lijkt nu alsnog tot stand te zijn gekomen in de vorm van de PVV. De hoge score hangt verder samen met de onzekerheid over de economische situatie, criminaliteit en gevoelens van politieke ontheemding, veroorzaakt door de neergang van de katholieke kerk en de Katholieke Volkspartij. Het abstracte antwoord van links op deze problemen schiet hier tekort.

Brabant

De ruk naar rechts komt dus voornamelijk uit het zuiden, waar men zich lang achtergesteld heeft gevoeld en nu zijn invloed laat gelden. Dat geldt zeker ook voor de provincie Brabant, die zich snel heeft ontwikkeld en is verstedelijkt. Deze provincie is goed voor maar liefst 22 van de 150 Kamerzetels, terwijl Groningen, Friesland en Drenthe bij elkaar nog maar 16 zetels krijgen. Opvallend is hoe deze provincie uiteenvalt in het dynamische welvarende midden-Brabant waar de VVD sterk is binnengedrongen, en de meer stagnerende flanken waar de PVV het beter doet. Zoals in West-Brabant, dat aansluit op het gebied waar de Vlaamse nationalisten scoren, dat weer doorloopt in de bolwerken van Le Pen in Noord-Frankrijk.

Een belangrijke factor voor de winst van de VVD en in mindere mate de PVV, is verder de suburbanisatie. Van een land waar de tegenstelling stad-platteland centraal stond, is Nederland veranderd in een grotendeels dichtbevolkt ‘tussengebied’. Een steeds groter deel van de bevolking woont in deze suburbane gebieden. Dit viel samen met de gestage groei van de VVD vanaf eind jaren 60. Men heeft er een koophuis, ‘consumeert’ de politieke en maatschappelijke ontwikkelingen via tv en ’shopt’ van partij naar partij. In vrijwel deze hele zone is de VVD de grootste partij. Maar ook de PVV doet het hier vaak goed, vooral in de gebieden waar men zich zorgen maakt over de huizenprijs, de sociale daling en de ‘verkleuring’. Dan gaat het om plaatsen als Almere, Spijkenisse en Purmerend – gemeenten die in korte tijd enorm zijn gegroeid.

Progressieve steden

Tegenover het rechtse zuiden en het blauwe ’suburbia’ staan de progressieve steden. D66 en GroenLinks zijn hier sterk, terwijl de PvdA stand houdt. Ondertussen verliest links in stagnerende industriesteden en plattelandsregio’s met een lager opgeleide bevolking waar de crisis hard aankomt, zoals Heerlen, Helmond en Oost-Groningen. De PVV lijkt daar de positie van de SP over te nemen, wat laat zien dat de uiteinden van het politieke hoefijzermodel dicht bij elkaar liggen. Links moet het steeds meer hebben van een combinatie van een boven-, en een onderlaag (hogeropgeleiden, ambtenaren en allochtonen), waarbij de lagere middenklasse ontbreekt. Daartegenover staat rechts, dat naast welgestelden en traditionele gezinnen ook steeds meer aanhang krijgt onder lager opgeleide werknemers in sectoren als de bouw en de zorg. Daarin volgt Nederland de Verenigde Staten, waar de Democraten het ook moeten hebben van de onder- en bovenklasse in de steden.

De tegenstelling tussen liberaal en conservatief Nederland komt duidelijk naar voren in de spreiding van de aanhang van een mogelijke Paars-Groene coalitie. Deze combinatie, die flinke winst heeft geboekt, beschikt over een ruime meerderheid in de gebieden die er op internationaal en economisch gebied het meeste toe doen. Een dergelijke Paars-Groene ‘urbane’ en hervormingsgezinde coalitie zou dan ook beter zijn voor Nederland dan een rechts-nationale coalitie die vooral gebaseerd is op de plattelandsgebieden en Nederland meer in zichzelf zal doen keren. Hier ligt dan ook het dilemma voor de VVD: kiest zij voor Nederland-in-de-wereld of voor Nederland achter de dijken.

Bron: Josse de Voogd werkt bij het Wetenschappelijk Bureau van GroenLinks aan een publicatie over electorale geografie. Daarnaast is hij masterstudent internationale betrekkingen in Utrecht. Verschenen in NRC Handelsblad 15 juni 2010.

27 februari
2010
geschreven door marco

PVV Almere wil iedereen met hoofddoekjes uit de gemeentelijke gebouwen kunnen weren. Ook wil zij geen gemeentelijke subsidie meer verstrekken aan instellingen die mensen met hoofddoekjes toelaten. Een flink deel van de Nederlandse bevolking lijkt dit een weinig aantrekkelijk standpunt te vinden. Belangrijk is echter eveneens dat het idee ook in juridisch opzicht zeer ondoordacht is.

 

Het dragen van hoofddoekjes als geloofsuiting is een grondwettelijke toegekende vrijheid. Zowel in het Europees Verdrag tot bescherming van de Rechten van de Mens, als in onze Grondwet als in de Algemene Wet Gelijke Behandeling is vastgelegd dat het verboden is onderscheid te maken wegens godsdienst en levensovertuiging. Hieraan is verbonden het wettelijk verbod om te intimideren.

 

Binnen dit wettelijk kader hebben rechters en het College Gelijke Behandeling regelmatig uitspraken gedaan over de grenzen. Samengevat komen deze erop neer dat het verboden is groepen van mensen categorisch uit te sluiten. Alleen bij zeer zwaarwegende redenen kan hierop een uitzondering worden gemaakt. Denk aan hygiëne en veiligheid. Dat moeten dan wel geloofwaardige redenen zijn en ze moeten consequent worden toegepast. Een gezichtsbedekkende sluier mag verboden worden als non-verbale communicatie is vereist.

 

Het idee om hoofddoekjes in overheidsgebouwen te verbieden is ronduit ondoordacht. Niet alleen zou de gemeente Almere hierdoor wetgeving creëren die flagrant in strijd is met hogere landelijke en Europese regelgeving. Bovendien zou de lokale overheid maatschappelijk het verkeerde voorbeeld geven als ze werkelijk de wet wil ovetreden. PVV Almere roept dus feitelijk op tot maatschappelijke onrust.

 

Het verbieden van hoofddoekjes zal echter ook met zich meebrengen dat onmogelijke handhavingsproblemen ontstaan. Het breed geaccepteerd dragen van regenkapjes om het haarkapsel te beschermen valt er dan ook onder. En mag Lady Gaga zich dan nog wel met haar pruiken in Nederland vertonen? Met andere woorden: Wat behoort tot de Nederlandse cultuur en hoe denkt PVV dat te bepalen? Ook ben ik nieuwsgierig naar waar PVV Almere de mankracht en dus het belastinggeld vandaan haalt die nodig zijn om de naleving van zo’n verbod te controleren en te bestraffen.

 

Afgezien van het feit dat PVV Almere oproept tot het overtreden van de wet, is het idee van het hoofddoekjesverbod ook verwerpelijk omdat er geen goede reden met brede maatschappelijke draagvlak voor is te geven. Iedereen die om wat voor reden ook een hoofddoekje draagt zal zich door het verbod uitsluitend gediscrimineerd en geïntimideerd voelen. We doen dan aan ijskoude maatschappelijke uitsluiting. Dat is wél wezensvreemd aan onze Nederlandse cultuur, waarin van oudsher voor alle geloofs- en levensovertuigingen plaats is.

 

Beluister hier mijn bijdrage op Radio 1 op 26 februari 2010 in de uitzending Standpunt.nl.

20 februari
2010
geschreven door marco

De val van dit kabinet had naar mijn overtuiging kunnen worden voorkomen als JP de MP meer leiderschap had getoond. Hij suggereert ten onrechte dat met de PvdA niet was te praten. In werkelijkheid lag het kabinet een lastig dilemma voor: in Uruzgan blijven voor het internationale aanzien van ons land of de mening van de meerderheid van het Nederlandse volk de doorslag laten geven, namelijk geen verlenging van de militaire missie. Bij zulke wezenlijke dilemma’s over oorlog is er niets op tegen voor de mening van het volk te kiezen, zoals de PvdA dus doet,

Afgezien hiervan blijft de vraag wat wij in Afghanistan te zoeken hebben. Ik geloof er niets van dat het westen er enkel en alleen is om nobele zaken als het weerbaar maken van de lokale bevolking. Rondom Kabul liggen waardevolle bodemschatten, waaronder koper. Ook China heeft daarop het oog laten vallen. (Zie http://www.nu.nl/algemeen/1445282/afghanistan-is-goudmijn.html). Met onze militaire aanwezigheid staan we de Afghanen in de weg om ze zelfstandig te kunnen laten beslissen aan wie ze die bodemschatten willen verkopen, de opbrengst ervan volledig te behouden en te besteden aan economische en maatschappelijke welvaart. Daarentegen laten we ze op deze manier afhankelijk blijven van papaver als hun belangrijkste inkomstenbron.

Laat de internationale gemeenschap uitspreken dat het de Navo vooral te doen is om deze strategische doelen. Geef de Afghanen daarom liever zelfbeschikking over hun eigen grondstoffen en zorg ervoor dat het aan de bevolking ten goede komt. Afghanistan verdient zoveel beter dan speelbal te zijn van een internationaal gezelschapspelletje Stratego. Dit is het echte debat dat het kabinet had moeten voeren en waaraan JP de MP heeft verzuimd leiding te geven.

Ondertussen hebben we in Nederland al genoeg problemen met onze financiën. Nog meer belastinggeld over de balk smijten aan deze prestigemissie met dubbele agenda lijkt elke mogelijke meerwaarde te ontberen.

De keuze van de PvdA-ministers om zich niet door haar coalitiepartners te laten meeslepen in het oppervlakkige motief van uitsluitend ons vermeende internationale aanzien getuigt dan ook van gezond realisme.

23 januari
2010
geschreven door admin

Op maandag 30 november jl. brachten wij een werkbezoek aan Buurtbemiddeling Eindhoven. Wij wilden graag weten hoe het deze vrijwilligers sinds het ontstaan van dit initiatief zo’n vijf jaar geleden is vergaan. Wij werden hartelijk ontvangen door Erik Bosman(coördinator), Elisabeth Noot, Rob Weijs, Esther Goethart en Renee van Dam (vrijwilligers).

Buurtbemiddeling is ontstaan als mogelijkheid om conflicten tussen buren op te lossen. Denk aan geschillen over geluidshinder, erfafscheidingen, het opruimen van zwerfvuil en politie-overlast. De bemiddeling vindt plaats door goed opgeleide vrijwilligers. Na melding door een bewoner van een geschil die hij of zij heeft met een buurtgenoot komen 2 buurtbemiddelaars met de betrokkene persoonlijk praten. Ze proberen vervolgens de betrokken partijen bij elkaar aan één tafel te krijgen voor een goed gesprek. In 65 procent van de gevallen lukt het om partijen met elkaar aan tafel in gesprek te laten komen. In 1 procent van die gevallen mislukt dit gesprek. De overige 35 procent weigert een gesprek. De buurtbemiddelaars bespeuren een gestage jaarlijkse toename van ongeveer 10 procent en behandelden  dit jaar bijna 250 kwesties. Ze schatten dat ongeveer 25 procent van de bemiddelingen een culturele achtergrond heeft.

Convenant

De Gemeente heeft veel belang bij een goed functionerende organisatie van buurtbemiddelaars. Als burgers in staat zijn zelf hun conflicten op te lossen, bespaart dat bijvoorbeeld op capaciteit van politie en maatschappelijk werk. Bovendien stimuleert het zelf onderling kunnen oplossen van conflicten het gevoel in een buurt van veiligheid en welbevinden. Om deze redenen bestaat er ook al enkele jaren een convenant tussen gemeente, politie en enkele woningbouwverenigingen met afspraken over onder andere verwijzing naar Buurtbemiddeling. De gemeente draagt hierin tevens bij in de vorm van een jaarlijkse subsidie uit incidentele middelen van ongeveer € 200.000,-.Ook is Buurtbemiddeling als middel opgenomen is in het Beleidskader Integrale Veiligheid 2010-2013 van de gemeente Eindhoven.

Tijdens ons bezoek kwam naar voren dat Buurtbemiddeling de sterke behoefte heeft aan deelname van allochtone buurtbemiddelaars. Verder valt het haar op dat zij in sommige wijken nauwelijks worden gevraagd, zoals de Bennekel. Het lijkt erop dat de vraag naar Buurtbemiddeling sterk afhankelijk is van aanmoediging door bijvoorbeeld de gemeentelijke ambtenaren, woningbouwverenigingen, wijkagenten en maatschappelijk werkers en dat de bekendheid onder deze potentiële verwijzers groter mag zijn dan nu het geval is.

Burgerparticipatie

Als raadsleden realiseren wij ons dat Buurtbemiddeling in Eindhoven een belangrijke rol kan vervullen binnen het project burgerparticipatie. Veel inwoners ontbreekt het aan voldoende vaardigheden en instrumenten om conflicten op een goede manier te hanteren of op te lossen. De Gemeente zou dit initiatief nog veel intensiever kunnen betrekken en inzetten bij haar doel om tot meer burgerparticipatie te komen, maar ook bij conflicten tussen inwoners en gemeente.

Met de buurtbemiddelaars spraken wij af dat wij het convenant met de gemeente nog eens goed onder de loep willen laten nemen. Verder hebben wij toegezegd hen in contact te brengen met het overleg allochtonen-autochtonen (OvAA) met als doel onder de aandacht van allochtonen te komen als mogelijkheid tot conflicthantering en ook onder die groep bemiddelaars te kunnen werven. Tot slot willen wij proberen bij de volgende bespreking van de gemeentelijke begroting structureel subsidie aan dit initiatief toe te kennen, zomogelijk met een opgefrist convenant.

Marco Swart
Ertan Isik
23 januari
2010
geschreven door marco

Wat is de waarde van de vrijheid je mening te mogen uiten, als je niemand de kans geeft het in persoonlijk debat te weerspreken? Want dat is wat Geert Wilders in feite doet. Hij steekt zijn mening over de islam niet onder stoelen of banken, maar gaat elke discussie hierover verder uit de weg. En als je er dan iets tegen wil schrijven, loop je het risico met je leven te worden bedreigd. Zijn aanpak en die van zijn aanhang waarmee een hem onwelvallige mening de mond wordt gesnoerd, is hetzelfde als dat van een gemiddeld dictatoriaal regime. Het gevaar komt dus niet zozeer alleen van de fundamentalistische stroming binnen islam, maar ook door de opkomst van een stroming als dat wat Wilders aanwakkert ….

Previous